|
Kampie.info |
(een website met reisverslagen, foto's en tips voor het maken |
|
| Foto tips |
Diafragma De juiste belichting van een film wordt bereikt door de juiste combinatie van sluitertijd en diafragma (de lensopening). Daar waar de sluitertijd invloed heeft op het al dan niet 'bevriezen' van een beweging, heeft de keuze voor een bepaald diafragma invloed op de scherptediepte van een foto. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Met scherptediepte wordt het gebied bedoeld (van voor tot achtergrond) dat 'scherp' op de foto komt. In principe stel je scherp op het onderwerp van de foto. Naast het onderwerp zal ook een deel van de voor- en achtergrond scherp op de foto komen. Hoe groot dit gebied is, is mede afhankelijk van het gekozen diafragma. Hoe groter de lensopening, des te kleiner het gebied dat scherp op de foto komt.
De grootte van het diafragma wordt uitgedrukt in f-waarden (f-getal). Hierbij is het verwarrende dat een groot diafragma wordt aangeduid met een laag f-getal (bijv. f2.8), terwijl een kleine lensopening wordt aangeduid met een hoog f-getal (bijv. f32). De diafragmawaarden die je op de camera in kunt stellen zijn, net zoals dat bij de sluitertijd het geval is, gestandaardiseerd. Iedere wijziging van het diafragma waardoor de hoeveelheid licht dat op de sensor of film valt halveert of verdubbelt wordt een 'stop' genoemd.
Om de foto goed te belichten zal (bij een gelijkblijvende ISO-waarde) voor elke stop waarmee het diafragma wordt aangepast de sluitertijd ook één stop aangepast moeten worden. Stel dat bij een ingestelde ISO-waarde een foto goed belicht zou worden bij diafragma van 2.8 en een sluitertijd van 1/1000 seconde, de reeks zou er dan als volgt uit komen te zien:
Maar stel je gebruik een 80-300mm f4 objectief en je wilt onder de hierboven geschetste omstandigheden zonder statief een foto maken. Uitgaande van een brandpuntsafstand van 80mm en de vuistregel dat de sluitertijd minimaal de brandpuntsafstand van het objectief moet zijn, is de langzaamste sluitertijd die je in dit geval kunt kiezen 1/125 seconde. Je zult in dit geval één van de volgende combinaties moeten gebruiken:
Wat de beste keuze is, is afhankelijk van de gewenste scherptediepte en de vraag of je al dan niet een beweging wilt 'bevriezen'. Maar stel dat je behoorlijk wilt inzoomen op het onderwerp en de foto wilt maken met het objectief ingesteld op een brandpuntsafstand van 300mm. De enige combinatie die dan nog mogelijk is is:
Zoals je ziet heb je dan weinig meer te kiezen m.b.t. de scherptediepte. 'Vroeger' in het analoge tijdperk moest je een ander rolletje in je camera stoppen als je met een andere ISO-waarde (filmgevoeligheid) wilde gaan fotograferen. Dit betekende dat als je vooraf kon weten dat je ergens foto's ging maken waar weinig omgevinglicht was en flitsen niet mogelijk was je vooraf voor een snellere film in de camera moest doen. Tegenwoordig in het digitale tijdperk is het allemaal iets eenvoudiger en kun je per foto de gewenste ISO-waarde kiezen. Stel dat bovenstaande schema's gebaseerd zijn op het gebruik van een 100 ISO. Op het moment dat de de ISO-waarde verhoogt naar 200 ISO zal de eerste reeks er als volgt uit komen te zien:
Op het moment dat je nu gebruik maak van de kortste brandpuntsafstand van jouw objectief (80mm) zijn de volgende combinaties mogelijk:
Bij een brandpuntsafstand van 300mm heb je nu keuze uit de volgende mogelijkheden:
Zoals je ziet zijn je keuzemogelijkheden voor het diafragma mede afhankelijk van: |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Ga naar: |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Op alle foto's rust auteursrecht en voor ieder gebruik is naamsvermelding en toestemming verschuldigd. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||